Babi Pangang: krokant varkensvlees met zoetzure Indonesische saus
De term babi pangang komt uit het Indonesisch: “babi” betekent varkensvlees en “panggang” staat voor geroosterd of gegrild. Dit gerecht uit de Chinees-Indische keuken is vooral populair in Nederland en België, waar het vaak bij de afhaalchinees op het menu staat.
Het gerecht bestaat uit malse stukken varkensvlees (zoals schouder of nek), gemarineerd in een mengsel van ketjap manis (zoete sojasaus), knoflook, gember en kruiden. Daarna wordt het vlees geroosterd of gefrituurd tot het een krokant korstje heeft.
Concreet voorbeeld :
Het varkensvlees wordt enkele uren gemarineerd, vervolgens knapperig gebakken of geroosterd. Ondertussen wordt een zoetzure saus gemaakt van tomaat, suiker, azijn, knoflook en gember — soms met een beetje chili. De warme saus wordt rijkelijk over het vlees gegoten. Serveer het met witte rijst, gewokte groenten of atjar (zoetzure groentepickle) voor een complete maaltijd.
Het woord babi pangang staat dus voor:
- gemarineerd varkensvlees,
- een zoetzure tomatensaus,
- een Chinees-Indisch klassieker, geliefd bij afhaalrestaurants.
Zie ook : geroosterd varkensvlees, ketjap manis, afhaalchinees.
« Back to Glossary Index